< Terug naar vorige pagina

Project

De overgang van midden- naar jongpaleolithicum in de Zagros-regio, Iran: een vergelijkende analyse van de variabiliteit in lithische assemblages

In het vroege Opper-Paleolithicum werden de Neanderthalers en andere inheemse volkeren vervangen door de Homo sapiens. De manier waarop dit historische proces tot uiting komt in de archeologische overgang van de materiële cultuur van het Midden- naar het Opper-Paleolithicum is een van de meest twijfelachtige onderwerpen in de prehistorie van de Oude Wereld. Er bestaat zeker geen eenvoudige één-op-één relatie tussen biologische en culturele verandering. Om toch een historische voorstelling van deze verandering te maken, is nauwkeurige kennis van zowel de aard als de timing van regionale archeologische overgangen noodzakelijk. Voor de hele regio van Zuidwest-Azië zijn we daar nog ver van verwijderd. We kunnen geen onderscheid maken tussen een snelle technologische omschakeling en een geleidelijke technologische aanpassing en we weten ook niet welke soorten of populaties precies welke lithische productiesystemen hebben gebruikt. In feite is deze regio bijzonder gecompliceerd omdat zowel de Neanderthaler als de vroegmoderne menselijke populaties hier gedurende een lange periode van het Hoog-Pleistoceen aanwezig zijn geweest. Beiden maakten gebruik van een vergelijkbare technologie uit het Midden-Paleolithicum en de Middelste Steentijd, wat het extra moeilijk maakt om de de precieze weg van verandering naar het Opper-Paleolithicum, de cultuur van de Aurignacianen, te vatten. Toch is het vatten van deze verandering vanuit archeologisch en historisch oogpunt belangrijk: de cultuur van Aurignacianen wordt immers beschouwd als het doorslaggevende kenmerk voor de intrede van de moderne mens in Europa. Mijn onderzoek heeft tot doel de oorsprong van de Aurignacian zowel cultureel als chronologisch beter te vatten. Hoewel onderzoekers beweren dat de discontinue chronostratigrafische fenomenen van Neanderthalers en Homo sapiens in de Levant bestaan, lijkt het erop dat er in het westelijke Zagrosgebergte in Iran continuïteitsbewijs kan worden geïdentificeerd. Deze gebieden (Zagros in Iran en Irak, Syrië en Turkije) kennen sites van Aurignaciaanse en moderne menselijke oorsprong. Aan de hand van antropologisch en archeologisch materiaal uit het Zagrosgebergte in Iran, zal dit project continuïteitskenmerken trachten te identificeren om zo nieuw licht te werpen op de bestaande hypotheses over de menselijke oorsprong. Het regionale archeologische verslag De prehistorie van de oostelijke hellingen van het Zagrosgebergte is vooral bekend van de late jaren 1920 tot en met de late jaren 1960 door westerse 'pioniers' zoals Dorothy Garrod (Hazar Merd, 1930), Carleton Coon (Bisitun, Tamtama, Khunik (Coon, 1951, 1957); Smith, 1986) Braidwood's team in de jaren '50 (Braidwood & Howe, 1960), Hole en Flannery 's jaren '60 onderzoek in Kunji, Gar Arjeneh, Ghamari sites (Hole & Flannery, 1967; Smith, 1986; Young & Smith, 1966) Peder Mortensen (Hulailan sites (Mortensen, 1974,1993), en Charles Mc Burney (Ke-Aram I (Mc Burney, 1970; Bew-ley, 1984) Warwasi Cave (Olszewski, 1993) en recente onderzoeken (Otte et al. , 2009; Vahdati-Nasab, 2011; Bar Yosef, 2013; Conard et al., 2013; Vahdati-Nasab et al., 2013; Bazgir et al. 2014, Heydari-Guran, 2015; Speth, 2014; Biglari & Shidrang 2016; Shidrang et al., 2016; Valdividia et al. 2017 en Bazgir et al., 2017). Op dit moment wordt het archeologische verslag voor het Levantijnse Bovenpaleolithicum getoond door onderzoekers op enkele tientallen goed opgegraven en goed gedocumenteerde plaatsen. De belangrijkste daarvan zijn, Qafzeh Cave Units E/D/Levels8-9 (Bar-Yosef en Belfer-Cohen, 2004), Umm el Tlel Units I-III (Ploux en Soriano, 2003, Ziffer, 1978), Ksar Akil Rockshelter Levels 6-25 (Azoury, 1986); Bergman 1987, Ohnuma 1989), Kebara Cave D-E/Units I-IV (Ziffer, 1978), Tor Sadaf Rockshelter Units I-III (Coinman en Fox, 2000), Ucagizli in Turkije (Kuhn et al. , 1999, p. 514). Vroeg-Paleolithische sites worden ook gevonden in het Zagrosgebergte in Irak en Iran. Rekening houdend met de stratigrafische posities, de typologie en de technologie van de lithische assemblages, lijkt het erop dat de continuïteit tussen het Midden- en het Opper-Paleolithicum waarschijnlijker is in de Iraanse Zagros dan de Levant zoals gezien op de Warwasi Rockshelter Levels AA-LL (Iran) (Dibble en Holdaway, 1993); Otte & Kozlowski, 2007; Olszewski & Dibbel, 2009; Tsanova, 2013), Shanidar Cave in Irak (Solecki 1958), Ghamari, Gilvaran en Kaldar-grotten (Bazgir et al. , 2014; Bazgir et al., 2017), Eshkaft-E Gavi-grot (Sumner, 1973; Scott en Marean, 2009), en Yaftet-grot in Iran.  Kaldar stratigrafie toont aan dat de niveaus 1 tot 3 (inclusief de sublagen 4 en 4II). De Islamitische en historische periodes, IJzertijd, Bronstijd, Chalcolithicum en Neolithicum. Niveau 4 (inclusief sublagen 5, 5II, 6 en 6II), deze stratigrafie omvat donkerbruine afzettingen met Opper-Paleolithische en vroege Opper-Paleolithische overblijfselen. De data van deze laag zijn afkomstig van een schouw in Boven-Paleolithische lagen. AMS-radiokoolstofdata van 38650-36750 cal BP, 44200-42350 cal BP en 54400-46050 cal BP zijn verkregen uit houtskoolmateriaal dat zich onder deze laag bevindt. Niveau 5 (inclusief onderlagen 7 en 7II) omvat sterk gecementeerde roodbruine sedimenten, bestaande uit kleine hoekige kalksteenblokken, en middelste paleolithische resten (Bazgir et al 2017). In de Iraanse Zagros is de oudste gerapporteerde datum 54.400 Cal B.P van Kaldar Cave. Verder zijn de Khorramabad grotten en rotsen Materialen en methoden De artefacten zullen worden geanalyseerd aan de hand van een techno-typologische methode, waarbij de gebruikte soorten grondstoffen, de productietechnieken en het chronologische kader worden vastgelegd. De lithische assemblages zullen worden bestudeerd volgens een geïntegreerde methodologie, met inbegrip van taphonomische, technologische en typologische analyses (met promotor): Prof. Philip Van Peer en Co-promotor: Prof. Marcel Otte van ULg). Analyses van de lithische industrie: In het algemeen omvatten de lithische assemblages van de Kaldar-site ongeveer 2000 stuks. Kaldar Cave (Layer 5 - sublagen 7 en 7II) omvat Mousterian assemblage met de meest populaire elementen; geretoucheerd gereedschap, Levallois vlokken, corticale stukken, Levallois bladen, Levallois punten, Levallois kernen, andere soorten kernen, en hamerstenen, puin. Belang van het onderzoek De gegevens van de voorgestelde opgraving zullen bijdragen aan onze kennis van de Neanderthalers en de Homo sapiens in het westelijke Zagrosgebergte van Iran. Dit project zal helpen bij het opbouwen van een uitgebreid kader voor het migratietraject van de moderne mens van Centraal-Azië naar Europa en zal een wereldwijde positie van het gebied in het Paleolithicum versterken. Ons project zal worden gesynthetiseerd tijdens een integratieve analytische en interpretatieve onderzoeksfase. De synthese zal de verschillende aspecten van de komst van de moderne menselijke cultuur (technologie, levensonderhoud, nederzettingspatronen, enz.) omvatten, beschouwd binnen een verfijnd chronologisch kader, en zal een interpretatie bieden voor het gedrag en de aanpassingen van de moderne mens in de tijd dat hij zich uitbreidde en Europa koloniseerde. De resultaten die tijdens het project worden verkregen, zullen regelmatig worden gepubliceerd in peer-reviewed wetenschappelijke tijdschriften en worden gepresenteerd op internationale wetenschappelijke bijeenkomsten. Lithische assemblages zullen worden geanalyseerd, wat zal helpen bij het verduidelijken van sequenties op regionale basis in het Zagrosgebergte en dit zeer innovatieve project zal ons helpen om een wereldwijde positie te verwerven voor dit soort studies voor de regio. Referenties Azoury, I., 1986. Ksar Akil, Lebanon (Vol. 289). BAR. Bar-Yosef, O., & Belfer-Cohen, A. (2013). Following Pleistocene road signs of human dispersals across Eurasia. Quaternary International, 285, 30-43. Bar-Yosef, O., & Belfer-Cohen, A. (2004). The Qafzeh upper Paleolithic assemblages: 70 years later. Eurasian Prehistory, 2(1), 145-180. Bazgir, B., Ollé, A., Tumung, L., Becerra-Valdivia, L., Douka, K., Higham, T. ... & Blain, H. A. (2017). Understanding the emergence of modern humans and the disappearance of Neanderthals: Insights from Kaldar Cave (Khorramabad Valley, Western Iran). Scientific Reports, 7, 43460. Bazgir, B., Otte, M., Tumung, L., Ollé, A., Deo, S. G., Joglekar, P., & van der Made, J. (2014). Test excavations and initial results at the Middle and Upper Paleolithic sites of Gilvaran, Kaldar, Ghamari caves and Gar Arjene Rockshelter, Khorramabad Valley, western Iran. Comptes Rendus Palevol, 13(6), 511-525. Bergman, C.A. and Goring-Morris, A.N., 1987. Conference: The Levantine Aurignacian with special reference to Ksar Akil, Lebanon March 27-28, 1987 Institute of Archaeology, London. Paléorient, pp.142-147. Biglari, F., Shidrang, S. (2016). New Evidence of Paleolithic Occupation in the Western Zagros foothills: Preliminary report of cave and rockshelter survey in the Sar Qaleh Plain in the West of Kermanshah Province, Iran. In Kopanias, K., MacGinnis, J. (Eds.), The Archaeology of the Kurdistan Region of Iraq and Adjacent regions, 29-47. Braidwood, R.F. and Howe, B., 1960. Prehistoric investigations in Iraq Kurdistan. Coinman, N. R., & Fox, J. R. (2000). Tor Sadaf (WHNBS 8): the transition to the Upper Paleolithic. The Archaeology of the Wadi al-Hasa, West-Central Jordan, 2, 123-142. Conard, N. J., Ghasidian, E., & Heydari–Guran, S. (2013). The Paleolithic of Iran. In The Oxford Handbook of Ancient Iran. Coon, C. S. (1951). Cave exploration in Iran 1949 (Museum Monographs). Philadelphia (PA): University Museum. Coon, C. S. (1957). The seven caves: Archaeological explorations in the Middle East. New York: Knopf, 1957 [c1956]. Dibble, H. L., & Holdaway, S. J. (1993). The Middle Paleolithic industries of Warwasi. The Paleolithic Prehistory of the Zagros-Taurus, 75-99. Garrod, D. A. E. (1930). The Palaeolithic of Southern Kurdistan: Excavations in the Caves of Zarzi and Hazar Merd. Bulletin of the American school of Prehistoric Research, 6, 9-43 Heydari-Guran, S. (2015). Tracking Upper Pleistocene human dispersals into the Iranian Plateau: a geoarchaeological model. HEADS, 4, 40-54. Hole, F., Flannery, K. V. (1967). The prehistory of southwestern Iran: A preliminary report. Proceedings of the Prehistoric Society, 33, 147–206. Kuhn, S. L., Stiner, M. C., & Güleç, E. (1999). Initial Upper Palaeolithic in south-central Turkey and its regional context: a preliminary report. Antiquity,73(281), 505-517. MC Burney, C.B.M. (1970). Paleolithic excavation in the Zagros area. Iran 8: 186–7. Mortensen, P. (1974). SURVEY OF PREHISTORIC SETTLEMENTS IN NORTHERN LURISTAN. Acta Archaeologica, 45, 1-47. Mortensen, P. (1993). Paleolithic and Epipaleolithic sites in the Hulailan valley, Northern Luristan. the Paleolithic prehistory of the Zagros-Taurus, 83, 159. Nasab, H. V., Clark, G. A., & Torkamandi, S. (2013). Late Pleistocene dispersal corridors across the Iranian Plateau: a case study from Mirak, a Middle Paleolithic site on the northern edge of the Iranian Central Desert (Dasht-e Kavir). Quaternary International, 300, 267-281. Nasab, H. V., Jayez, M., Nobari, A. H., Nadooshan, F. K., Ilkhani, H., & Mahfroozi, A. (2011). Komishan Cave, Mazandaran, Iran: an Epipalaeolithic and later site on the southern Caspian Sea. Antiquity, 85, 328. Ohnuma, K. (1988). Ksar Akil, Lebanon: A Technological Study of the Earlier Upper Palaeolithic Levels of Ksar Akil. Vol. III. Levels XXV-XIV. BAR Int. Ser. 426. Olszewski, D. I. (1993). The late Baradostian occupation at Warwasi rock shelter, Iran. The Paleolithic Prehistory of the Zagros-Taurus, 187-205. Olszewski, D. I., & Dibble, H. L. (2006). To be or not to be Aurignacian: the Zagros Upper Paleolithic. Towards a definition of the Aurignacian, 355-373. Otte, M., & Kozlowski, J. (2007). L’Aurignacien du Zagros. Liège: ERAUL 118. Otte, M., Biglari, F., & Jaubert, J. (2009). Iran Palaeolithic Le Paléolithique d’Iran. PROCEEDINGS OF THE XV UISPP WORLD CONGRESS (LISBON, 4-9 SEPTEMBER 2006). Scott, J. E., & Marean, C. W. (2009). Paleolithic hominin remains from Eshkaft-e Gavi (southern Zagros Mountains, Iran): description, affinities, and evidence for butchery. Journal of human evolution, 57(3), 248-259. Shidrang, S. (2015). The early Upper Paleolithic of Zagros: techno-typological assessment of three Baradostian lithic assemblages from Khar Cave (Ghar-e Khar), Yafteh Cave and Pa-Sangar Rockshelter in the Central Zagros, Iran(Doctoral dissertation, Bordeaux). Shidrang, S., Biglari, F., Bordes, J. G., & Jaubert, J. (2016). IN THE LATE PLEISTOCENE LITHIC INDUSTRIES OF THE CENTRAL ZAGROS: A TYPO-TECHNOLOGICAL ANALYSIS OF LITHIC ASSEMBLAGES FROM GHAR-E KHAR CAVE, BISOTUN, IRAN. Smith, P.E.L. (1986). Paleolithic Archaeology in Iran. The University Museum, Philadelphia. Braidwood, R.J., Howe, B., 1960. Prehistoric Investigation in Iraqi Kurdestan. In: Oriental Institute Studies in Ancient Oriental Civilisation, vol. 31. University of Chicago Press, Chicago. Solecki, R. S. (1958). The 1956–1957 season at Shanidar, Iraq: A preliminary statement. Sumer, 14(1104), e1108. Soriano, S., & Ploux, S. (2003). Umm el Tlel, une séquence du Paléolithique supérieur en Syrie centrale. Industries lithiques et chronologie culturelle. Paléorient, 29. Speth, J. D. (2014). The importance of Iran's Paleolithic record for unraveling key issues in human evolution. International Journal of the Society of Iranian Archaeologists, 1(1). Sumner, W. M. (1973). CULTURAL DEVELOPMENT IN THE KUR RIVER BASIN, IRAN. AN ARCHAEOLOGICAL ANALYSIS OF SETTLEMENT PATTERNS. Tsanova, T. (2013). The beginning of the Upper Paleolithic in the Iranian Zagros. A taphonomic approach and techno-economic comparison of Early Baradostian assemblages from Warwasi and Yafteh (Iran). Journal of human evolution, 65(1), 39-64. Becerra-Valdivia, L., Douka, K., Comeskey, D., Bazgir, B., Conard, N. J., Marean, C. W., & Higham, T. F. (2017). Chronometric investigations of the Middle to Upper Paleolithic transition in the Zagros Mountains using AMS radiocarbon dating and Bayesian age modeling. Journal of human evolution, 109, 57-69. Young, T. C., & Smith, P. E. (1966). Research in the prehistory of central-western Iran. Science, 153(3734), 386-391. Ziffer, D. (1978). A re-evaluation of the Upper Palaeolithic industries at Kebara Cave and their place in the Aurignacian culture of the Levant. Paléorient, 273-293. In Tab19, the Upper Palaeolithic artifacts of Layer 4 (sub-layers 5 & 5II) conclude bladelets dominate, followed by blades, retouched tools, cortical pieces, by-products, bladelet cores, undetermined cores, pointed flakes, a blade core, and debris.

Datum:23 apr 2020 →  Heden
Trefwoorden:archaeology
Disciplines:Archeologie van kunst
Project type:PhD project