< Terug naar vorige pagina

Project

Modale wereld: Relatie, kwantiteit en ruimte in de metafysica van Spinoza, Leibniz, Bergson, Whitehead en Deleuze

Zoals Bergson zegt vormt ruimte een fundamenteel schema dat een bepaalde metafysica en een bepaalde manier van denken met zich meebrengt. Het schema van de ruimte als homogene veelvoudigheid is het fundament voor de mechanistische en simplistisch materialistisch-realistische opvatting van de wereld die bekritiseerd wordt in het denken van al de filosofen vermeld in de titel. Maar het is ook het schema dat een bepaalde manier van denken voortbrengt die Bergson aanduidt als intellectueel, analytisch, wiskundig, etc. Anders dan (de vroege) Bergson die dit schema afwerpt en louter en alleen aan de hand van de tijd probeert te denken, wil ik onderzoeken hoe ruimte, als fundamenteel schema van het denken, anders kan gedacht worden. Daardoor verschijnt er een heel andere metafysica (a) een heel ander model van denken (b).

a. Het schema van ruimte heeft drie onderdelen: relatie, kwantiteit en ruimte zelf. Het model dat bekritiseerd wordt door elk van de genoemde filosofen bestaat uit een conceptie van relaties als extern, van kwantiteit als extensief en van ruimte als absoluut en extensief.(i) Het idee van externe relaties houdt in dat de dingen niet gedefinieerd worden door hun relaties. Dit wil zeggen dat de dingen losgemaakt kunnen worden uit hun relaties zonder dat ze daardoor veranderen. Dit idee is het duidelijkst in het idee van een plaats die extern blijft aan een ding, en dus niet bepalend is voor wat het ding is. Het boek is hetzelfde ding op de tafel of op de stoel. (ii) Nauw verwant hiermee is het idee van extensieve kwantiteit of grootte: een kwantiteit als een geheel van homogene delen die verwijderd en opgeteld kunnen worden, en dus als meeteenheden gelden, zonder dat het geheel van natuur veranderd. Met andere woorden, het idee van een extensieve grootte houdt in dat de delen een externe relatie hebben tot elkaar en het geheel. (iii) Als laatste hangt hier ook een bepaalde conceptie van de ruimte aan vast. Ten eerste wordt ruimte opgevat als absoluut: hij is niet relatief aan de dingen die ruimte innemen. M.a.w. ruimtelijke relaties zijn externe relaties. Ten tweede is die ruimte een extensief kwantitatief en dus homogeen, metrisch en deelbaar. Zo resulteert deze conceptie van relatie en kwantiteit in het idee van een wereld als een absolute gemeenplaats waarin dingen plaats in nemen, uitgebreid zijn en externe relaties aangaan met elkaar. Het is dit idee van de wereld als actuele gemeenplaats waar komaf mee wordt gemaakt in de filosofie van Spinoza, Leibniz, Bergson, Whitehead en Deleuze. Elk van de drie bovengenoemde elementen worden herdacht in het werk van bovengenoemde filosofen. (i) Relaties worden intern: dingen worden bepaald/geïndividueerd door hun relaties. (ii) Kwantiteit wordt intensief: elke grootte is heterogeen en kan enkel geordend worden tegenover andere groottes. (iii) En ruimte, als geheel van interne relaties, wordt relatief aan wat er ruimte inneemt. Bovendien bezit de ruimte als geheel enkel potentialiteit en wordt die pas actueel in elke individuele contractie/uitdrukking/prehension van de ruimte. Dit is wat Whitehead een ‘modale ruimte’ noemt. Dit resulteert in een conceptie van de realiteit waarin het begrip ‘wereld’ verdwenen is. De realiteit heeft geen gemeenplaats meer. Of liever, er is geen actuele gemeenplaats meer. Er is enkel een potentialiteit tot wereld. De eeuwige substantie drukt zich uit in durende ‘genatureerde’ natuur (Spinoza), de door God geselecteerde mogelijke wereld wordt uitgedrukt in elke monade (Leibniz), elke actualiteit is een uitdrukking van een virtueel verleden (Bergson), elke ‘actual occasion’ schept zijn actuele wereld als een ‘prehension’ van de realiteit als disjunctieve veelheid (Whitehead).

b. Bergson toonde ook aan hoe het model van ruimte ook fundamenteel is aan het intellect dat denkt door te analyseren. We vinden dit duidelijk terug bij Descartes die meetkunde als model voor het ‘helder en onderscheiden’ denken neemt. Wanneer dit schema van externe relaties, extensieve kwantiteit en absolute ruimte plaats maakt voor dat van interne relaties, intensieve kwantiteit en relationele ruimte, ontstaat er ook een heel ander beeld van het denken. Wanneer relaties intern worden, maakt analyse plaats voor uitdrukking. Het idee van externe relaties uit zich ook in de klassieke propositionele logica die een uitdrukking is van een metafysica van substantie en accident waarin de dingen als op zichzelf bestaand gedacht worden. Wanneer relaties intern worden en de hele wereld de ware propositie wordt van elk onderwerp, transformeert de logica tot een expressieve logica. Een ding denken houdt dan niet meer in dat je de substantie-attribuut-accident-structuur van iets vat in een subject-propositie model, of dat je een ding analyseert (onderverdeeld in verschillende attributen), maar dat je dat ding uitdrukt, dat wil zeggen, dat je wereld uitdrukt vanuit de positie van dat ding. Concepten worden dan expressief. Ze refereren niet naar een object dat ze aanduiden doormiddel van hun ‘extensie’ (al dat wat onder het concept valt), maar ze drukken uit vanuit hun intensieve/intrinsieke inhoud. Concepten krijgen dus een intrinsieke realiteit die niet te reduceren valt tot een ‘extensief’ refereren naar een realiteit buiten het denken. Het denken wordt autonoom en immanent aan zichzelf. Het denken wordt een fysica van het denken. De waarde van het denken ligt dan niet in een transcendente relatie met een buiten, maar in het denken zelf. Het denken moet krachtig en expressief zijn. Adequaatheid is geen zaak van correlatie of representatie meer maar van expressie. Daarom is deze vorm van denken rationalistisch: de gronden van het denken behoren volledig tot het denken zelf toe. Losgemaakt van het model van ruimte en van de propositionele essentialistische logica wordt het rationalisme van Leibniz en Spinoza ‘delirant’. Zo komt het dicht bij het ‘nieuw’ rationalisme van Bergson waarin het denken dynamisch en expressief wordt en het ‘imaginair rationalisme’ van Whitehead.  

Datum:15 sep 2018 →  Heden
Trefwoorden:Deleuze, Spinoza, Leibniz, Bergson, Whitehead, Quantity, Space
Disciplines:Theorie en methodologie in de filosofie, Filosofie, Metafysica
Project type:PhD project