< Terug naar vorige pagina

Publicatie

Onderwijsmethoden en methodische werkvormen geschikt voor lessen biologie en natuurwetenschappen

Tijdschriftbijdrage - Tijdschriftartikel

Vakdidactiek en -methodiek zijn bij vakleerkrachten niet erg in trek. Het is zelfs moeilijk om recente vakliteratuur voor Vlaanderen over dit onderwerp te vinden. Rond het jaar 1974 startten, op aandringen van Rijksinspectrice Dr. M. De Ridder en zuster Dr. M. Van Dijck, enkele docenten uit het toenmalige regentaat biologie netoverstijgende vergaderingen rond een mogelijke cursus didactiek en methodologie biologie. Dit zou in 1979 resulteren in een handboek. Vooral Deconinck W. (Asperges M. e.a., 1979) werkte inspirerend. Biologie als schoolvak zou van een louter kennisvak - gericht op het kunnen reproduceren van weetjes - veranderen in een wetenschappelijk verantwoord vak gericht op het toepassen en integreren van kennis. In de jaren ’80 en ’90 werden er twee doctoraatsonderzoeken afgerond waarbij de didactiek van biologie centraal stond (Damen V. (1985) en Reygel P. (1997)). In beide onderzoeken stond zowel de maatschappelijke context als het gehanteerde begrippenkader van biologische thema’s centraal. Vanuit de klaspraktijk werd er het laatste decennium overigens aandacht besteed aan contextgericht onderwijs in natuurwetenschappen en het uitschrijven van goede ‘begrippenkaarten’ of ‘concept maps’ is hiervan een mooi voorbeeld Deconinck W. (2004). Aan hogescholen en universiteiten wordt er momenteel relatief weinig onderzoek op het vlak van methodiek verricht. Dit artikel wil een beknopte bijdrage leveren over onderwijsmethodiek en werkvormen, toegespitst op de klaspraktijk biologie en natuurwetenschappen. Uitgangsliteratuur daarbij was o.a. Asperges M. e.a. (1979) en Deconinck W. (2001, 2002).
Tijdschrift: VOB Jaarboek 2012
ISSN: 1373-6388
Volume: 34
Pagina's: 197 - 205
Jaar van publicatie:2012