< Terug naar vorige pagina

Publicatie

The clinical and radiographic outcome of innovative protocols in implant dentistry

Boek - Dissertatie

Voor de behandeling van partieel en volledig edentate patiënten is het gebruik van oraleimplantaten in de dagdagelijkse praktijk een evidence-based behandeling geworden. In dejaren U+201970 werd ontdekt dat titanium schroeven kunnen integreren en in direct contact metkaakbot blijven na functionele belasting door middel van een prothese. Dit was de oorsprongvan de hedendaagse orale implantologie. Titanium implantaten met een glad oppervlakwerden daarop gecommercialiseerd voor gebruik als verankering van een prothese. Sindsdienworden patiënten behandeld met schroefvormige implantaten voor uiteenopende indicaties,van een enkeltandsvervanging in de esthetische zone tot een volledige implantaat-gedragenconstructie bij patiënten met uitgebreide resorptie van de kaken. Het spreekt voor zich datdeze uiteenlopende indicaties implaatcomponenten met verschillende eigenschappenvergen om het gewenste eindresultaat te bekomen.Oorspronkelijk werd aanbevolen implantaten na plaatsing volledig te bedekken doortandvlees en ze nadien gedurende 3 maanden in de onderkaak en 6 maanden in debovenkaak te laten ingroeien. Na de genezingsperiode werden in een tweede fase ingreep deimplantaten vrijgelegd alvorens de prothetische fase op te starten. Dit behandelingsprotocolwas echter meer gebaseerd op empirische bevindingen dan op wetenschappelijke evidentie.Thans worden allerlei behandelingsprotocollen voorgesteld die betere resultaten geven in dande originele tweefasechirurgie en uitgestelde belasting. De ontwikkeling in implantaat-designen/of -oppervlakte, chirurgische technieken, restauratieve mogelijkheden, geavanceerdediagnostische middelen en planningshulpmiddelen heeft er toe geleid dat deze nieuweprotocollen een aantal voordelen kunnen bieden voor de patiënt.Het doel van deze thesis was om een aantal van deze nieuwe chirurgische en prothetischeprotocollen te evalueren. De klinische en radiografische parameters moeten op lange termijneen succesvolle behandeling kunnen garanderen, alvorens in de dagdagelijkse praktijk teworden aangewend.In het eerste hoofdstuk wordt een overzicht gegeven van de veranderingen inbehandelingsprotocollen gedurende de laatste decennia. Veel onderzoekers focussen zich op154het korter maken van de totale behandelingsduur. Zo kunnen tegenwoordig implantatenworden geplaatst en onmiddellijk worden voorzien van een prothetische constructie metvoorspelbare resultaten. Er worden verschillende technieken beschreven om dezeonmiddellijke belasting uit te voeren. Gidsplaten laten toe om tijdens de ingreep implantatente plaatsen op voorafbepaalde posities. Deze gidsplaten kunnen ook worden gebruikt vooreen ingreep waarbij het tandvlees niet meer moet worden open gemaakt. Dit geeft voor depatiënt het grote voordeel dat de postoperatieve ongemakken heel beperkt blijven.In het tweede hoofdstuk wordt de onmiddellijke belasting van implantaten in de volledig enpartieel edentate patiënt geëvalueerd. De volledig edentate onderkaak wordt beschouwdals de belangrijkste indicatie voor het toepassen van onmiddellijke belasting. Deze indicatiewerd uitgebreid onderzocht en wordt tegenwoordig beschouwd als een evidence-basedbehandeling. Er worden twee onderzoeken beschreven die implantaten met een verschillenddesign (Brånemark- Astra Ti-Oblast/Microthread) en onmiddellijk belast met een voorlopigeconstructie evalueren. De klinische en radiografische bevindingen geven aan dat dezeimplantaten onmiddellijk kunnen worden belast met voorspelbare resultaten op lange termijn.De twee implantaatdesigns worden in een volgend onderdeel vergeleken met elkaar omdatdeze werden geplaatst volgens dezelfde techniek. Er werd een verschil vastgesteld inbotverlies in het voordeel van de Astra-implantaten.De posterieure bovenkaak wordt vaak beschouwd als een moeilijke regio voor implanterengezien de matige botkwaliteit, de anatomische beperkingen en de hogere occlusale belastingin die zone. Onderzoeken naar onmiddellijke belasting van implantaten geplaatst in deposterieure bovenkaak rapporteren lagere slaagpercentages dan in de edentate onderkaak.In het laatste onderdeel van hoofdstuk twee worden de resultaten voorgesteld van eenonderzoek waarbij onmiddellijk belaste implantaten in de posterieure bovenkaak wordenvergeleken met uitgesteld belaste implantaten. De uitstekende resultaten van dit onderzoektonen aan dat ook in de posterieure bovenkaak onmiddellijke belasting mogelijk is. Deonmiddellijke belasting heeft voorspelbare resultaten als aan een aantal voorwaarden wordt155voldaan: het verblokken van implantaten die in gezond en genezen kaakbot wordengeplaatst en die gelijkmatig worden belast door een prothese.Hoofdstuk drie beschrijft een onderzoek naar de onmiddellijke afunctionele belasting vanimplantaten voor enkeltandsvervangingen. Aangezien deze implantaten niet kunnen wordenverblokt worden de voorlopige restauraties uit occlusie geplaatst. De indicatie voorenkeltandsvervangingen is vaak het verlies van een element in de esthetische zone. In ditopzicht is het van belang om de behandelingsduur voor de patiënt in te korten en zo snelmogelijk een voorlopige kroon te voorzien na het plaatsen van een implantaat. Wanneerimplantaatonderdelen op en af worden geschroefd worden de peri-implantaire weefselstelkens verstoord. Men krijgt additioneel botverlies en een apicaalwaardse verplaatsing vanhet bindweefsel rondom het implantaat. Het lijkt in dit opzicht interessant om zo snel mogelijkeen definitief abutment te installeren. Het uitgevoerde onderzoek beschrijft de resultaten vandergelijk protocol met Straumann-implantaten. De overlevings- en succespercentages tonenaan dat implantaten volgens dit protocol kunnen worden gerestaureerd. De frequentetechnische complicaties tonen echter aan dat het protocol en de implantaatonderdelenmoeten worden aangepast.Minimaal invasieve ingrepen worden tegenwoordig in alle takken van de geneeskundeaangewend. Ook in de tandheelkunde hebben deze technieken vele voordelen. Implantatendie doorheen de mucosa worden geplaatst (U+201CflaplessU+201D) geven minder postoperatieveongemakken voor de patiënt. Het tandvlees moet niet worden open gemaakt tijdens deingreep en de nalast en zwelling blijven beperkt. Er is echter weinig geweten over de positievan implantaten in het kaakbot die op deze U+201CblindeU+201D manier worden geplaatst. In een vierdehoofdstuk wordt een in-vitro onderzoek voorgesteld waarbij op een model implantatenU+201CflaplessU+201D worden geïmplanteerd door personen met verschillende ervaring in de oraleimplantologie. Nadien werd de positie van deze implantaten in het kaakbot geëvalueerd. Erwerden significante deviaties gezien ten opzichte van de ideale positie en perforaties van hetkaakbot traden op in 60% van de implantaten. In een klinische situatie zou dit ernstigecomplicaties kunnen veroorzaken. De conclusie is dat wanneer we implantaten U+201CflaplessU+201D156willen plaatsen, we een uitgebreide planning moeten maken en de positie van de implantatenaccuraat kunnen leiden om meer voorspelbare resultaten te bekomen. Dit is mogelijk metgeleide chirurgie, waarbij gebruik wordt gemaakt van gidsplaten tijdens deimplantaatprocedure.In een vijfde hoofdstuk wordt dergelijk protocol vergeleken met een klassieke procedure. Ineen U+201Csplit-mouthU+201D onderzoek werden bij patiënten in de posterieure maxilla aan de ene zijdeimplantaten geplaatst volgens de klassieke manier en met uitgestelde belasting en aan decontralaterale zijde met geleide chirurgie en onmiddellijke belasting. De klinische enradiografische resultaten tonen aan dat dit protocol zeer voorspelbaar is en vergelijkbaar meteen klassieke procedure. Er werd ook vastgesteld dat de zwelling, die zich normaalmanifesteerd na een ingreep niet optrad rondom de implantaten die U+201CflaplessU+201D werdengeplaatst. De onmiddellijke belasting van de implantaten gaf, volgens de patiënten, ook eenonmiddellijke verbetering op het vlak van spraak, functie, esthetiek en zelfvertrouwen.De evolutie van vernieuwingen in de orale implantologie is echter gelimiteerd. Sommigesystemen of behandelingsprotocollen komen op de markt zonder gedegen onderzoek. Nadienblijkt dat er complicaties optreden die blijvend nadelig kunnen zijn voor de patiënt. Dit wordtaangehaald in een laatste hoofdstuk. Daarin worden de resultaten van een nieuwimplantaatdesign geëvalueerd. De grote aantal mislukkingen en de uitgebreide botverliezentonen aan dat dit implantaatsysteem niet kan worden aangeraden. Negatief is ook het feit datdit systeem op de markt kwam voor het bekendmaken van de eerste onderzoeksresultaten. Deinvloed en de druk van de industrie wordt steeds groter. Nieuwe ontwikkelingen die nietdegelijk worden onderzocht op een onafhankelijke manier kunnen leiden tot catastrofalegevolgen. De academische wereld heeft als taak deze onderzoeken te leiden en de clinicieen goede opleiding te geven, zodat deze de indicaties en beperkingen van een nieuwebehandeling kunnen inschatten. Alleen op deze manier kunnen we zeker zijn datbehandelingen worden uitgevoerd die succesvol zijn op de lange termijn.
Pagina's: 166 p.
Jaar van publicatie:2008